Generatie VI.

VI.1 Arnoldus Slangen en Maria Bemelmans    Hoensbroek
(zoon van V.1 , kleinzoon van IV.1 )
Arnold (Ercken) is geboren op 13-2-1647 in Hellebroek en gestorven op 1-3-1728 in Hoensbroek, 81 jaar oud. Ercken is de stamvader van de Hoensbroekse tak, die zich later uitbreidde naar o.a Kerkrade. Hij trouwde op 4-2-1674 in Nuth met Maria (Meijken) Bemelmans. Zij werd geboren op 14-8-1655 in Nuth en  is gestorven in Hoensbroek op 10-1-1728 (72 jaar oud).  De grootvader van Maria was pachter van de Naanhof. Vermoedelijk had Erken een boerderij in Schurenberg. Hij was een van de grotere boeren in Hoensbroek; in 1701 had hij 3 paarden. In 1715 is hij kerkmeester van St Joannes Evangelist in Hoensbroek. Na zijn dood werd nog tientallen jaren de vroegmis voor hem gedaan; hij had daar geld voor betaald. Hij kon niet schrijven.
In 1700 koopt Ercken van de weduwe van de predikant van Valkenburg 4 percelen land en 2 weilanden bij Schurenberg. De prijs was 460 gulden; 25 pattacons werden direct betaald en de rest later. Een half jaar later eiste de broer van de weduwe de grond terug en betaalde het tot dan toe betaalde geld terug. Twee weken later verkocht hij de grond toch aan Ercken, nu echter voor 535 gulden. Ercken betaalde 376 gulden direct. In 1717 kocht hij nog 4 bunder en een sille akker- en weiland bij de Meijsberg en 4 kleinere stukken in de buurt voor 915 gulden. Hij betaalde 133 gulden en nam een lening van 800 gulden over die de verkoper schuldig was aan Hester Meermans uit Leuth (B). Ercken regelde dat na zijn dood iedere week in de vroegmis voor hem gebeden zou worden. Hij betaalde hiervoor 750 gulden. In 1763 nam het kerkbestur de lening van 800 gulden; ze betaalden daarvoor 750 gulden aan Hester Meermans. Daardoor waren de erfgenamen waren verplicht elk jaar de rente over een kapitaal van 800 gulden aan de kerk te betalen. In 1827 betaalden zijn nakomelingen hier nog steeds voor, dus er is meer dan 100 jaar voor Ercken in de kerk gebeden.
Het paar had 4 kinderen.
1. Catharina is geboren op 16-6-1674 in Nuth. Ze trouwde op 8-10-1706 in Schaesberg met Gerardus Palmen (Palm), geboren op 2-2-1681 in Heerlen. Catharina is op 20-12-1743 in Hoensbroek gestorven, 69 jaar oud,  en Gerardus op 19-10-1750, ook 69 jaar oud . In 1720 werd Cattrijn door iemand mishandeld. Ze spanden een proces aan om vergoeding te krijgen voor de "smert en pijn". Dat werd gestopt toen de dader bereid was aan hen een lening van 50 gulden te geven tegen 5 % rente. Voor de lening borgde haar vader met het erfdeel van Cattrijn. In 1728 leenden ze 60 gulden van het armenbestuur van Hoensbroek. Als onderpand hadden ze een huis met hof en weide in Terschuren, groot anderhalve sille.
2. Balthasar is geboren op 16-6-1677 in Hoensbroek  en daar gestorven op 16-1-1757, 80 jaar oud. Hij trouwde op 20-6-1702 in Hoensbroek met Marie Quaetackers, geboren in Hoensbroek op 17-11-1661 en daar  gestorven op 12-6-1726.            VII.1
3. Theodorus (Dirck) is geboren op 29-8-1686 in Hoensbroek. Hij stierf, 8 jaar oud, op 20-12-1694.
4. Petrus is geboren op 27-7-1689 in Hoensbroek. Hij trouwde op 22-7-1718 met Catharina van Aubel die is geboren op 9-2-1686 in Wijnandsrade. Petrus is in Hoensbroek gestorven op 6-10-1735, 46 jaar oud. Catharina was een maand eerder, op 5-9-1735, gestorven op een leeftijd van 49 jaar.   VII.2

VI.2 Arnoldus Slangen en Ida Penris     Grijzegrubben (Nuth)
(zoon van V.2, kleinzoon van IV.1)
Aret is geboren op 5-5-1664 in Grijzegrubben. Zijn ouders zijn gestorven voordat hij 15 jaar was. Hij trouwde rond 1691 met Ida Penris (Penders). Zij is geboren op 2-4-1668 in Hoensbroek en is op 13-2-1696 in Grijzegrubben gestorven. Zij werd slechts 27 jaar.
Zeker vanaf 1694 werkte Aret in het buitenland en kwam zelden thuis. Bij een verkoop van grond door zijn broer en zus in 1699 wordt vermeld dat Aret in het buitenland is. In 1700 wordt zijn zoon genoemd als weeskind, maar of Aret toen overleden was is niet duidelijk. De kinderen waren nog geen 10 jaar toen ze er alleen voor stonden.
1. Arnoldus is geboren op 14-4-1690 in Hoensbroek (onwettig) en is gestorven tussen 1700 en 1702.
2. Christianus is geboren op 12-5-1693 in Nuth en is gestorven op 17-4-1775 in Oirsbeek. Hij werd 81 jaar oud. Hij trouwde met Elisabetha Pijls. Zij is geboren op 28-4-1694 in Oirsbeek en is daar gestorven op 22-8-1740, slechts 46 jaar oud. Op 7-1-1748 hertrouwde Christianus in Heerlen  met Gertruid Driessen.   VII.3

Ida (Itjen) is door geweld om het leven gekomen. Haar tante Griet Slangen had haar liggend op een paljas (strozak) dood aangetroffen had. Ze was geheel gekleed, bebloed en had blauwe plekken op haar borst. Haar hemd zat onder het bloed, evenals het laken dat onder de strozak lag. Samen met een buurvrouw had Griet het dode lichaam naar haar huis gebracht. Vervolgens hadden zij het lijk gewassen. Toen Griet twee weken later met haar zus Meijken het huis schoonmaakte vonden ze het lijk van een pasgeboren kind onder wat aarde bedekt. Het lijkje hebben ze opnieuw begraven omdat ze bang waren dat honden het zouden vinden.
Op 30 maart (6 weken na het voorval) werden Griet en de buurvrouw door 4 schepenen ondervraagd en op 6 april gebeurde dat met Meijken. Alle drie verklaarden ze dat Aret, de man van Ida al 2 jaar niet thuis geweest was behalve de laatste Kerstmis. Op 14 mei stuurden de schepenen een onderzoeksrapport naar de officier van justitie met het verzoek de vrouwen behoorlijk te straffen omdat ze het voorval niet meteen gemeld hadden. De toedracht van het overlijden van Itjen bleef onduidelijk.

Vermoedelijk trouwde Aret in Nijmegen opnieuw. Op 1-10-1699 is daar bij de Nederduits-Gereformeerde kerk het huwelijk ingschreven van de weduwnaar Arent Slangen met Jenneke Jans. Getuige was Laurens Slangen; dit zou dan zijn achterneef kunnen zijn die militair in het Nederlandse leger was.

VI.3 Theodorus Slangen en Catharina Aerts     Neerbeek
(zoon van V.2, kleinzoon van IV.1)
Dirck (in de doopakte Schlangen, later ook Slanghen) is geboren op 20-11-1667 in Grijzegrubben en gestorven op 5-12-1728 in Beek, 61 jaar oud. Hij kon niet schrijven. Zijn ouders zijn gestorven voordat hij 12 jaar was. In 1699 kreeg hij een deel van de erfenis van zijn tante Meijken. Hij is getrouwd op 24-9-1699 in Geleen met Catharina  Aerts (Arits, Arets) ook wel Erckens genoemd. Zij werd geboren op 26-11-1672 in Beek en is daar gestorven op 20-12-1736 (64 jaar oud). Ze hadden 7 kinderen die allen in Neerbeek zijn geboren. 
1. Arnoldus  is geboren op 21-11-1700 en gestorven voor 1713.
2. Anna (bij de doop Slanghen) is gedoopt op 22-5-1702. Ze trouwde op 24-1-1726 in Hulsberg (het huwelijk is ook ingeschreven in Klimmen op 9-2-1726) met Theodorus Arnoldus (Dirck) Bosch. Hij was weduwnaar en is in Hulsberg gedoopt op 26-1-1696. Ze hadden 8 kinderen. Dirk is gestorven op 7-6-1765 in Arensgenhout (Hulsberg), 69 jaar oud. Daarna verkocht Anna, samen met de 4 kinderen die nog leefden, 44 kleine roeden grond voor 88 gulden. De kinderen hadden die grond van hun vader geérfd, maar Anna had het vruchtgebruik. Het geld werd gebruikt om een lening van 150 gulden uit 1731 van het kapittel van OLV in Maastricht af te betalen. Anna overleed op 27-8-1766, 64 jaar oud. In 1774 stierf hun schoonzoon Lins Schouteten in Valkenburg aan de galg. Hij zou als Bokkenrijder aan 20 diefstallen deelgenomen hebben. In 1775 wordt ook een arrestatiebevel tegen hun zoon Dirk uitgevaardigd, maar die is niet gearresteerd. Vermoedelijk is hij op tijd gevlucht.
3. Helena is geboren op 16-12-1704. Ze was  ongehuwd, maar kreeg in 1728 en 1736 onwettige kinderen. In 1728 was dat een dochter Maria; als vader werd genoemd een onbekende uit Afferden. In 1736 was het een zoon Joannes die de achternaam Malders kreeg, naar zijn vader.
4. Maria (bij de doop Slanghen) is geboren op 9-10-1707. Ze is, 78 jaar oud, in Geverik gestorven op 15-3-1786. Ze trouwde op 24-4-1738 in Beek met Henricus Hasen. Ze kreeg met hem 4 kinderen, de laatste in 1746. Daarna trouwde ze op 21-9-1749 in Beek met Joannes Thijssen uit Geverik.
5. Arnoldus is geboren op 29-5-1712  en gestorven op 30-5-1785 in  Beek, daags na zijn 73-e verjaardag.  Hij trouwde op 23-4-1740 in de Hervormd kerk en op 8-5-1740 in de katholiek kerk in Beek met Ida Kerckhofs. Zij is geboren in Geverik en gestorven op 5-12-1790 in Beek.    VII.4
6. Catharina (bij de doop Slanghen) is geboren op 12-12-1715, haar naam is meestal Slanghen. Ze trouwde rond 1745 met Michael Kloots (Cloots). Ze hadden 3 kinderen. In 1743 huurden ze een huis met koolhof en twee weilanden in Aalbeek voor 10 Rijndaalders per jaar. In het huurcontract is opgenomen dat het dak ieder jaar met 50 schoven gedekt zal worden, waarbij de verpachter het arbeidsloon betaalt en de pachter zorgt voor eten en drank voor de dakdekker. Verder mocht de verpachter in de koolhof appels blijven plukken zoveel hij wilde. Vòòr 1759 verhuisden Machiel en Catharina naar Tervoorst (Nuth). In 1759 verkochten ze een grote roede land op het Herckenbroek voor 36 gulden. Machiel stierf al op 16-7-1759. Johan Horstmans, schepen van Nuth, werd benoemd tot voogd van de kinderen. Kort daarna verkocht Catharina nog 3 grote roeden weiland in het Herckenbroeksleen voor 98 gulden. Catharina hertrouwde op 24-1-1760 in Hulsberg met Jacobus (Jaap) Muijlkens (Mulkens), geboren op 10-7-1720 in Hulsberg. In 1779 woonden ze in Hunnecum en kochten van de zus van Jaap een huis in Aalbeek met huisweide en een koolhofje, totaal 53 kleine roeden. Op het huis stond nog een lening van 400 gulden van het klooster van de Witte Vrouwen in Maastricht. Ze hoefden daardoor maar 35 gulden zelf te betalen. Het huis was belast met 1/3 vat rogge per jaar voor de kerk van Wijnandsrade. In 1786 leenden ze 75 gulden van de kerk van Nuth en borgden met 60 gulden die ze in 1777 uitgeleend hadden en met 53 kleine roeden land in Hulsberg. Ze woonden toen in Hunnecum. Jaap is in Hulsberg begraven op 9-5-1792, 71 jaar oud.  Catharina is daar op 24-12-1794 begraven (79 jaar oud). Jaap kon schrijven, Cathrina niet.
7. Joannes is geboren in mei 1718. In 1744 is hij doopgetuige bij zijn zus Anna; verder is niets van hem bekend.

VI.4 Joannes Slangen en Anna Peters      Nuth
(zoon van V.3, kleinzoon van IV.2)
Jan is geboren rond 1660 in Nuth en daar gestorven op 20-10-1702, ongeveer 42 jaar oud. Jan kon schrijven; zijn naam en die van de kinderen wordt ook als Schlangen geschreven. Hij trouwde rond 1685 met Encken Peters. Encken hertrouwde in 1707 met de koster Thomas Bruls. Ze kreeg met hem nog een zoon. Thomas is gestorven op 29-6-1749 in Nuth-dorp en Encken stierf op 11-12-1749. De pastoor noemt haar dan “centenaria” (honderdjarige). In 1694 ruilde Jan land in Grijzegrubben met zijn oom Paulus Goossens. Hij gaf 50 roeden weiland "den bergh" naast zijn eigen grond. Het land was belast met twee malder rogge. Hij kreeg 50 roeden land aan de waterkuil, Verder kreeg hij 20 gulden. De gewassen op het land waren ook voor hem. In 1696 kocht Jan voor 222 gulden een halve bunder en 10 kleine roeden akkerland in Hunnecum. De grond was eerder in bezit van zijn tante Anna. In 1697 verkocht Jan 78 kleine roeden weiland, grenzend aan  de Platsmolen voor 190 gulden. In 1700 kocht Jan 280 kleine roeden weiland in Hellebroek voor 300 gulden. De grond was belast met 3 ½ vat rogge voor de kapelaan van Hoensbroek. Toen Encken in 1707 hertrouwde werd een huwelijkscontract gesloten. De vader van Encken schonk het paar een morgen land aan de Sittarderweg en het gebruiksrecht voor nog een halve morgen. Thomas mocht hier echter geen hout kappen. Als hij eiken of elzenhout nodig had voor onderhoud van het huis kon hij dat van zijn schoonvader krijgen. Thomas beloofde de kinderen "eerlijck en deughdelijck naar hunnen staet te helpen optrecken". In 1708 bezat Encken grond aan het Molenveld naast haar schoonbroer Steven. In 1749, vlak voor hun dood, leenden Thomas Bruls en Encken, mede namens haar kinderen Leonard en Joannes en de kleinkinderen (3 dochters van Christina) 350 gulden van de parochie Nuth tegen 5 % rente. Als borg hadden ze een halve morgen akkerland achter Nirven, een morgen en 175 kleine roeden akkerland in de Sijpen (3 percelen) en een morgen land aan de Drinck. Zoon Joannes betaalde het geld in 1779 terug.
Jan en Anna hadden 6 kinderen die allen in Nuth werden gedoopt. De zoons Jan en Leonardus konden schrijven.
1. Christina is geboren op 16-1-1686  en is gestorven op 21-7-1746 in Hellebroek, 60 jaar oud. Ze trouwde op 1-2-1716 in Nuth met Wilhelmus Schutgens (Schutjens), geboren op 12-10-1687. Vanaf 1739 was hij lid van het kerkbestuur. Hij is gestorven op 12-6-1773, 85 jaar oud. Ze woonden in Hellebroek en hadden 6 kinderen. Het ging Willem en Christina niet slecht, ze kochten voortdurend land. In 1721 kochten ze  95 kleine roeden akkerland "aen de wijen" in Wijnandsrade, belast met anderhalve kop en het derde deel van een malder rogge aan de pastorie van Wijnandsrade. Iedere kleine roede kostte 22 stuivers. Verder zou ook een paar mannen- en een paar vrouwenschoenen geleverd worden. Verder kocht hij nog 74 kleine roeden akkerland "aen´t walis" in Wijnandsrade voor 26,5 stuiver per kleine roede. In 1724 kochten zij een huis met hof, weide en moestuin te Hellebroek groot 180 kleine roeden, alsmede 37 kleine roeden akkerland en verder nog een morgen beemd in Wijnandsrade, grenzend aan de hof Laar, belast met twee schillingen aan de kerk van Nuth. te korten op de koopsom van 530 gulden. In 1727 kochten zij  98 1/2 kleine roeden akkerland "op de vleugel" onder Nuth, voor 29 stuivers per kleine roede en 113 kleine roeden akkerland te Hellebroek onder Wijnandsrade, voor 110 gulden en 3,5 stuiver. In 1728 kocht Willem Schutjens samen met Reiner Crijns een huis en hof te Hellebroek en alle onder Nuth en Wijnandsrade gelegen bijbehorend land, voor 925 gulden. In 1734 kochten Willem en Christina 78 kleine roeden weiland in Hellebroek. Het geheel was belast met een gulden voor een jaargetijde aan de pastorie van Nuth en anderhalve kop rogge aan het Huis Hoensbroek. De koopsom bedroeg 41 rijksdaalders. In 1738 kopen ze 5 percelen akkerland (16 grote roeden) in het Hellebroekerveld onder Wijnandsrade voor 20 gulden per grote roede. In 1741 leende Willem aan een kennis 100 gulden. In 1771 regelt hij een eeuwigdurend jaargetijde voor hemzelf en zijn vrouw, te betalen met de rente die de schuldenaar moet betalen voor de lening uit 1741. Willem kon ondanks zijn hoge leeftijd de akte zelf nog ondertekenen.
2. Maria is geboren op 27-2-1689. Ze trouwde op 4-11-1717 in Nuth met Christianus Schutgens (Schutjens), geboren op 28-8-1690 en ze woonden in de Reuken. Christianus was een broer van Wilhelmus, de man van Maria's oudere zus . Beiden zijn in de Reuken aan dysenterie gestorven, Christian op 2-10-1747, 57 jaar oud, en Maria twee weken later, op 16-10-1747. Ze was toen 58 jaar oud. In 1747 was in Nuth een uitbraak van dysenterie waaraan 70 mensen overleden. Vijf dagen eerder was door de pastoor bij haar thuis notarieel geregeld dat “een eeuwigh en altijd duijrend jaergetijde” in de kerk gehouden zou worden op de sterfdag van haar man. Maria was toen “kranck van lichaem doch bij volcoemen verstandt en kennis”. Ook regelde ze haar begrafenis. De kosten, 5 gulden per jaar, moesten betaald worden uit de opbrengst van hun huis met koolhof en weide. De kosten voor de jaardienst waren 5 gulden per jaar (2 voor pastoor dekoster de kapelaan en de kerk elk één). Die moesten betaald worden door de toekomstige eigenaar van hun huis met koolhof en weide. Als die niet betaalde had de pastoor het recht om het huis te verkopen of verpachten.Christian en Maria hadden geen kinderen.
3. Aldegunda is geboren op 3-8-1692
4. Leonardus is geboren op 19-11-1693 en is gestorven op 14-6-1762 in Grijzegrubben, 68 jaar oud. Hij trouwde op 31-8-1731 in Spaubeek met Cornelia Sijpers. Zij is in Grijzegrubben gestorven op 14-3-1738  Leonardus hertrouwde in 1741 met Maria Roox, geboren op 8-1-1700 in Nuth en gestorven op 13-9-1759 in Grijzegrubben.           VII.5
5. Petrus is geboren op 2-8-1697 (achternaam Schlangen) en gestorven voor 1728.
6. Joannes (achternaam bij de doop Schlangen) is geboren op 20-8-1701. Hij is niet getrouwd geweest en is in Nuth gestorven op 20-10-1781, 80 jaar oud. Joannes kon schrijven, hij ondertekende een verkoopakte met Slanghen. In 1728 erfde hij van zijn tante Catharina 60 kleine roeden land bij Grijzegrubben.In 1775 bezat Joannes een huis met weide bij de kerk, 7 percelen land (20 grote roeden), 6 grote roeden weide in Hellebroek en Tervoorst en 44 kleine roeden beemd. In 1778 verkocht hij aan Willem Kleintjens 158 kleine roeden land "aen het wijtgen". Tegelijkertijd verkocht hij aan Willem Slangen, getrouwd met Maria Houben, 72 kleine roeden land aan het Paelken, alsmede 87 kleine roeden land aan het Palsmanneken, De totale koopsom bedroeg 650 gulden. Joannes liet na zijn overlijden een huis met moestuin en weide achter de kerk in Nuth na en ook nog diverse percelen grond. Erfgenamen waren o.a. kinderen van zijn zus Christina.

Mogelijk was er nog een dochter in dit gezin. In het schatboek uit 1775 staat een Catharina Slangen vermeld, waarvan geen doop- of overlijdensakte te vinden is. Als ze een dochter uit dit gezin is, moet ze toen meer dan 70 jaar oud zijn geweest. In 1749 wordt ze echter niet genoemd bij de kinderen van Anna Peters. Ze had een eigen huis in Nuth. Dit lag niet aan de straat, maar achter dat van Joannes, wat er op wijst dat ze een zus van hem is. Ze had wat grond (tuin, akkerland en weide, totaal 70 kleine roeden) die grensde aan Joannes, Lendert en Willem Slangen. Ze is voor 1796 overleden, want in het Franse bevolkingsregister komt ze niet voor.

VI.5 Stephanus Slangen en Anna Coumans     Nuth
(zoon van V.3, kleinzoon van IV.2)
Steven is geboren op 1-6-1666 in Nuth en is daar, 77 jaar oud, gestorven op 24-7-1743. Hij was in Nuth getrouwd op 16-10-1691 met Anna Coumans (Koomans, Coijmans). Zij stierf op 14-3-1736 in Nuth. Vermoedelijk woonden ze in de Dorpstraat. Steven, zijn vrouw en zijn kinderen konden konden niet schrijven. Zijn naam en die van de kinderen is in notarisakten vaak Slanghen en in doopakten is het vaak Schlangen..
Steven had  8 kinderen, waarvan de eerste onwettig en van een andere moeder was. De anderen zijn in Nuth geboren. Vier kinderen stierven jong.
1. Christina is geboren op 23-3-1689 in Wijnandsrade; de moeder was Cecilia Peters. Ze kreeg als achternaam Slangen. Verder is van haar niets bekend.
2. Petrus is geboren op 15-10-1692 en gestorven voor 1697.
3. Joannes is geboren op 24-1-1694 en is gestorven op 30-3-1766 in Nuth. Hij werd 72 jaar. Hij trouwde op 15-1-1724 in Nuth met Ida Adriaens uit Spaubeek. Zij is in Nuth gestorven op 7-10-1748.     VII.6
4. Petrus is geboren op 4-11-1696 en gestorven voor 1708.
5. Maria is geboren op 16-9-1698 (achternaam Schlangen) en gestorven  voor 1705.
6. Bavo Christianus is geboren op 11-4-1701 (achternaam Schlangen). Hij trouwde op 12-1-1722 in Hoensbroek met Cornelia Stipers en later met Agnes Wittmakers uit Schinnen. Hij overleed op 11-1-1753 in Nuth (dorp), 51 jaar oud.            VII.7
7. Maria is geboren op 3-9-1704 en is gestorven  na 1743. Maria was in 1733 hulpbehoevend en woonde bij haar broer Petrus.
8. Petrus is geboren op 13-9-1707 (achternaam Schlangen) en is gestorven op 18-3-1743 in Nuth, 35 jaar oud. Hij trouwde op 31-10-1738 in Nuth met Catharina  Ackermans (Enckermans) die op 8-2-1716  in Nuth is geboren.      VII.8

Steven had een aantal schapen; in 1730 had hij 5 lammeren. De pastoor van Nuth noteerde het aantal geboren lammeren omdat hij per lam 2 eieren kreeg. Steven verkocht in 1697 78 kleine roeden weiland, grenzend aan de moestuin van de Platsmolen en aan Lijsbet Roex, die "de drifte over haer deijl moet leijden"; en 20 kleine roeden moestuin, grenzend aan de weg van Nuth naar de Sijpen. De totale koopsom bedroeg 310 gulden. In 1708 verkochten Steven en Anneke 74,5 roede land op het Molenveld tussen de molenweide en de weg van Nuth naar Tervoorst, voor 25 stuivers per roede en zes dagen werken. In 1714 verkocht Steven 44 roeden beemd "ter geijt" en 66 roeden beemd aan de Platsmolen voor dertig pattacons. In 1729 verklaarde Steven dat hij ten behoeve van zijn zoon Christiaan 108 roeden land tussen Joannes Slangen en de erven Jan Slangen voor twee jaar had had overgedragen voor 100 gulden. Mocht hij dan de 100 gulden niet kunnen terugbetalen, dan verviel het land aan Christiaan. In 1733 woonden Steven en Anna in bij hun zoon Petrus. In 1733 lieten zij een testament opmaken t.b.v. hun kinderen Christiaan, Joannes, Peter en Maria. Peter zou alle roerende en onroerende goederen erven op voorwaarde dat hij zijn ouders en zijn hulpbehoevende zuster hun leven lang kost en inwoning zou verschaffen en hun begrafenis zou regelen. Zijn twee broers zou hij elk eenmalig 100 gulden uitkeren. Indien Peter zonder erfgenamen zou overlijden zouden alle rechten en plichten overgaan op zijn broer Christiaan, die op zijn beurt Peter tot zijn erfgenaam benoemde. Peter stierf echter al in 1743. Steven en Anna trokken toen in bij hun oudste zoon Joannes en lieten hun testament veranderen.  Alle kinderen zouden nu gelijkelijk delen in de erfenis. Enkele maanden later stierf Steven.

VI.6 Joannes Slangen en Maria Bosch      Grijzegrubben
(zoon van V.4, kleinzoon van IV.2)
Joannes (Jan) is in Nuth geboren rond 1662, maar zijn geboortedatum is onbekend. Hij trouwde op 11-10-1691 in Nuth met Maria Bosch (Boesten, Bousch). Ze was een weduwe, afkomstig uit Hoensbroek. Zij stierf in Grijzegrubben op 24-9-1731 en Jan stierf daar op 10-1-1737 aan buikloop. Hij was toen ongeveer 75 jaar oud. Jan kon schrijven. In 1691 verkoopt schoonvader Lintgen Bosch voor 200 gulden aan grond in Hoensbroek; Jan ondertekende de verkoopakte met een kruisje omdat hij niet kon schrijven. In 1739 hadden de erven grond aan het Molenveld.
Het echtpaar had maar 3 kinderen.
1. Maria is geboren op 9-5-1692. Ze is waarschijnlijk nooit getrouwd en in Nuth gestorven in 1747 of in 1767.
2. Theodorus (Derijck) is geboren op 13-4-1695 en is ongehuwd  gestorven op 10-6-1720 in Grijzegrubben, 25 jaar oud. Zijn achternaam is dan Schlangen.
3. Leonardus (bij de doop Schlangen) is geboren op 8-10-1699 en is gestorven op 16-3-1778 Nuth (dorp). Hij trouwde op 4-2-1734  in Nuth met Elisabeth Ortmans, een weduwe. Ze is geboren op 10-1-1683 in Nuth en is gestorven op 9-10-1747 in Grijzegrubben. Er stierven in dat jaar in Nuth 70 mensen door een uitbraak van dysenterie.       VII.9    

VI.7 Joannes Slangen en  Maria Bertrand      Schimmert, Beek
(zoon van V.5; kleinzoon van IV.2)
Jan is geboren op 13-11-1676 in Schimmert en op de Bies in Schimmert gestorven op 23-6-1759, 82 jaar oud. Hij trouwde rond 1702 met Maria Bertrand. Zij is in Schimmert gestorven op 26-3-1756. Jan kon (met moeite) zijn naam schrijven.
In 1722 kocht Jan in Schimmert een koolhof voor 21 rijksdaalders. Jan was vanaf ongeveer 1730 pachter van de Kelmonderhof. In 1751 had Jan twee bunders land en een weide in pacht in Oensel en Schimmert. Bij zijn dood bezat hij o.a. een huisweide en koolhof op de Bies (6 grote en 16 kleine roeden), belast met 7 gulden en 10 stuiver voor de Baron de Rose en met een vat en een kop rogge voor de kerk van Spaubeek.
Ze hadden 3 kinderen. Alle 3 zijn ze in Hulsberg en in Schimmert in het doopregister opgenomen.
1. Joannes is geboren op 2-10-1703 en is in Schimmert gestorven op 16-1-1757, 53 jaar oud.  Hij trouwde op 4-6-1730 in Spaubeek met Elisabeth Voncken. Zij is in Beek gestorven op 25-11-1776.               VII.10
2. Maria Catharina is geboren op 12-4-1710. Ze trouwde op 16-6-1743 in Schimmert met Caspar Heijnen, die in Schimmert geboren werd op 5-4-1707. Maria is gestorven op 19-6-1766 op de Bies, 56 jaar oud,  en Caspar op 13-2-1772, 59 jaar oud.
3. Catharina is geboren op 4-2-1713.  Ze trouwde in Beek op 1-10-1740 in de Hervormd kerk  en op 16-10-1740 in de katholieke met Lambertus (Lemmen) Raeven (Raven, Raefs), geboren op 3-7-1717 in Nuth en wonend in Kelmond. Ze hadden 3 kinderen. Lemmen is later (zeker vanaf 1758) pachter van hoeve Kelmond. In 1755 koopt hij grond van zijn nicht Maria (zie VII.10). In 1759 leent hij 500 gulden voor de aankoop van 11 grote roeden weide in Schimmert. Als onderpand stelt hij de in 1755 gekochte percelen en nog anderhalve bunder land in het Oenselerveld die hij in 1758 voor 300 gulden gekocht had.
In 1773 leent Lemmen 600 gulden van de St. Nicolaasparochie in Maastricht en stelt verschillende percelen grond in Schimmert als onderpand. In 1776 bezaten ze 9 percelen grond o.a. in het Oenselerveld, op de Aalbekerberg, aan de Maregats en op het Bergerland in Nuth. In totaal 3 bunder en 12 grote roeden.  Lemmen overleed op 21-7-1804 in Beek, 86 jaar oud (volgens de overlijdensakte akte 80 jaar). Catharina was toen al overleden.

Kelmond  

















De Kelmonderhof waar Jan Slangen en later zijn dochter Catharina en haar man pachter waren. De hoeve dateert volgens de gevelsteen uit 1618.

VI.8 Hubertus Slangen en Mechtildis Habets      Schimmert
(zoon van V.5; kleinzoon van IV.2)  
Hub is geboren op 11-10-1680 en gestorven op 2-11-1751 op de Put in Schimmert. Hij was toen 71 jaar. Hij trouwde op 5-2-1726 (hij was toen al 46) in Spaubeek met Mettjen Habets. Zij is gestorven op 30-7-1758 in Schimmert. Hub kon schrijven.
Hub had met Cornelia Mooperts uit Hulsberg (Arensgenhout).  een onwettige dochter Emerentiana, geboren  24-9-1709 Ze staat in Hulsberg twee keer ingeschreven, n.l. als Slangen en als Mooperts (met als vader Mooperts NN). Ze trouwde als Amerens Slangen in 1740 in Klimmen (hervormd) met Nicolaus Sporx (geboren in Klimmen  en gestorven op 1-4-1776 in Groot Haasdal). Amerens stierf daar op 12-3-1779. Na haar dood wordt een grote roede land in Haasdal door de erven verkocht.
In 1719 gaat Hub wonen in een huis aan de Lantstraat dat hij koopt van het echtpaar Voncken-Bertrand. Hij betaalt hiervoor 82 pattacons. Voorwaarde is dat ze het altijd terug kunnen kopen, maar ze moeten dan wel de kosten betalen die Hub heeft gehad om het huis op te knappen. Een jaar later is Maria Bertrand overleden en koopt Hub het huis met hof en weide (6 grote roeden) aan de landstraat in Schimmert voor 202 rijksdaalders of 408 gulden.
In 1727 koopt hij samen met Vaes Willems een halve bunder akkerland in Schimmert en een perceel groot 3 morgen dat deels in Nuth ligt en deels in de heerlijkheid Geleen. De prijs is twee schillingen per kleine roede. De koop wordt pas in 1748 door de schepenen van Nuth ingeschreven.
In 1727 verkoopt Hub het huis (gelegen aan gen Strouck en groot 6 grote en 5 kleine roeden) aan Wijnand Lemmens, getrouwd met zijn zus Catharina. De prijs samen met nog 25 kleine roeden weiland bedraagt 496 gulden. Houb is dan net getrouwd en woont rond 1729 niet in Schimmert. Later komt hij naar Schimmert terug.
In 1741 leent Hub 100 gulden tegen een rente van 5 % met als onderpand 100 kleine roeden akkerland aan de Poulscuijl. Hij ondertekent de notarisakte met hub slanghen. In 1741, hij woont dan “op de Put”, verkoopt hij aan zijn zwager Wijnand Lemmens een koolhof (genaamd Stroucken coolhoff) groot 53 kleine roeden, voor 88 gulden en een weide aan de Steeg, groot 121 kleine roeden, voor 48 stuiver per kleine roede.
Hub stierf zonder wettige kinderen; de erfenis ging naar zijn broer Jan, Cornelis Lemmens (zoon van zijn zus Catharina), de kinderen van zijn broer Hendrik (Jan en Cornelis) en de kinderen van zijn dochter Emerentiana.

Houb Slangen was geen lieverdje.
In de herberg van Hendrik Gielen in Amstenrade zaten op zondag 14 november 1717 enkele jongemannen uit het dorp gezellig bijeen. Rond 4 uur stonden ze op het punt naar huis te gaan, toen de deur openzwaaide. Drie mannen uit Schimmert, Hans Bertrandt, Merten Gielen en Houb Slangen, stapten de gelagkamer binnen. Zij sloegen met stokken op tafels en banken en maakten ruzie met de jeugdige Amstenradenaren. De herbergier probeerde de lastige bezoekers naar buiten te loodsen. Hans en Merten verlieten inderdaad de herberg, maar in het voorbijgaan gaf Hans de herbergier met een stok een slag op het hoofd. En als iemand hem zou laten arresteren zou hij hem persoonlijk aan de balk in de gelagkamer ophangen. Houb Slangen verlangde een glas brandewijn, alvorens te vertrekken. Maar hij wierp de helft van de brandewijn plotseling in het gezicht van de herbergier. Toen hij vroeg: “Waerom does du mich dat?" riep Houb: “Mortdieu, als ik eens wist dat er iemand in huis was, die ons wat wilde. de duivel zou hem de hals breken". Daarna verliet ook Houb het café. Men haalde opgelucht adem, maar te vroeg. Er werd aan de deur van de herberg, die men op slot had gedaan, gerammeld. Hans Bertrandt en Merten Gielen waren teruggekomen. Toen de deur gesloten bleef, schopten zij er tegen en probeerden de toegang met een stok te forceren. Toen de waard het hoofd buiten het raam stak kreeg hij zo'n klap op zijn hoofd dat hij bewusteloos neerviel.De Schimmertenaren bleven tot de morgen rond de herberg lopen; de haan kraaide al. Hans Bertrandt had nog een paar keer met een pistool dat hij bij zich had geschoten, maar niets geraakt. Inmiddels was de gerechtsbode gearriveerd, die het drietal arresteerde. Welke straf ze kregen is niet bekend.
















VI.9 Henricus Slangen en  Catharina Schillinx     Schimmert
(zoon van V.5; kleinzoon van IV.2) 
Hendrik is geboren op 8-7-1685 in Schimmert. Rond 1728 trouwde hij met Catharina Schillinx (Schillijnx) maar 3 jaar later, op 13-10-1731, stierf hij al. Hij werd slechts 46 jaar oud. Catharina is geboren op 17-8-1695 in Schimmert en is daar  gestorven op 21-4-1768 (72 jaar oud). Ze hadden maar 2 kinderen.
1. Joannes is geboren op 4-8-1729 en is in Schimmert gestorven op 3-9-1795 (66 jaar oud). Hij trouwde op 4-10-1761  in Beek met Maria Catharina Smeets , geboren op 5-9-1736 in Geleen. Zij is in Schimmert gestorven op 13-4-1809.                VII.11
2. Cornelius (Nelis) is geboren op 14-9-1731  en gestorven op 23-4-1810 in Schimmert, 78 jaar oud. Hij trouwde op 6-11-1761 in Schimmert met Anna Maria Bemelmans. Zij is geboren in Schimmert op 10-3-1737 is daar gestorven op 18-3-1813. Ze werd 76 jaar oud.         VII.12

Hendrick stierf een maand na de geboorte van zijn tweede zoon aan dysenterie. Catharina is niet meer hertrouwd. Catharina bleef achter met twee kleine kinderen en een schuld uit de erfenis van haar schoonvader. Aan haar was in 1727 door loting toebedeeld een deel van het huis in Schimmert: de schuur en de helft van de huiswei en koolhof. Maar ook een schuld van 600 gulden en een pacht van twee kapoenen jaarlijks in de cijnskaart Limpens te Aalbeek. Catharina kon de rente over die schuld niet betalen en droeg de geërfde schuur met huiswei en koolhof over aan haar zwager Jan, die daarvoor 300 gulden schuld afbetaalde en de twee kapoenen jaarlijks zou leveren.
In 1749 verkocht de weduwe Hendrick Slangen 59 kleine roeden akkerland op de Roebosch in Nuth voor 28 stuiver per kleine roede. Bij haar overlijden was ze eigenaar van een huis met hof en weide (7,5 grote roeden); Joannes erfde dit. Ook had ze grond in Nuth, 2,5 grote roeden aan de Grachtweg en 10 grote roeden aan de Poulscuijl.

VI.10 Theodorus Slangen en Cornelia      Spaubeek
(vermoedelijk zoon van V.6, kleinzoon van IV.3)
Van beiden is weinig bekend. Omdat een Wilhelmus Stevens doopgetuige was en ze in Spaubeek woonden is het vermoeden dat Theodorus afstamt van Theodorus Slangen en Anna Stevens uit Spaubeek. Ook de voornaam van zijn oudste zoon wijst daar op. Vermoedelijk zijn beiden jong gestorven. Er zijn in Spaubeek 2 kinderen geboren.
1. Theodorus is geboren op 21-11-1696  en gestorven op 6-8-1700, 3 jaar oud.
2. Albertus is geboren op 17-4-1701.

VI.12 Balthasar Slangen en Maria Catharina Gielkens    Gulpen
(zoon van V.10, kleinzoon van IV.8)
wapen
 Balthasar had een familiewapen.  Of de familie al langer dit wapen had is niet bekend. De spreuk luidt: Wees voorzichtig als de slangen.
Hierboven een moderne versie van het wapen. In het boek "Limburgse Wapens"uit 1925 staat een toen gemaakte tekening. Die ziet u hier.
Baltes (zijn naam is ook wel Slanghen)  is geboren op 5-1-1679 in Gulpen en daar gestorven op 26-2-1734 (55 jaar oud). Het overlijdensregister spreekt van een plotseling jammerlijke dood. Hij trouwde met Maria Catharina Gielkens (Gilkens), geboren 14-8-1674 in Gulpen. Zij is gestorven op 7-5-1743, 68 jaar oud. Baltes was notaris in Gulpen van 1700 tot zijn dood in 1734. Hij was stadhouder (schout) en secretaris van de heerlijkheden Gulpen en Margraten. Ook was hij stadhouder en (vermoedelijk al vanaf 1700) schepen van het Commandeursgerecht Mechelen. De stadhouder werd door de kasteelheer benoemd en bestuurde samen met de schepenen de gemeente. In 1721 schonk Balthes een plaat koningszilver aan de schutterij van Mechelen, waar ook zijn familiewapen op staat. Hij gebruikte ook een zegel met dit familiewapen. Op een zegelafdruk uit 1723 is zijn familiewapen te zien. Of dat wapen al langer door de familie gebruikt werd is niet bekend. In 1718 benoemde  Johan Adam van Clermont, heer van Neuburg, Gulpen en Margraten, Balthasar tot voogd van zijn zoon voor het geval hij kwam te overlijden. Hij overleed pas in 1731, toen zijn zoon al meerderjarig was.
Baltes had 8 kinderen.
1. Catharina is geboren op 6-3-1701 en is gestorven op 21-5-1750 in Gulpen, 49 jaar oud. Ze trouwde op 2-11-1727 in Gulpen met Hubertus Savelberg. Johanna van Clermont, die op kasteel Neuburg woonde, was getuige bij het huwelijk. Hubertus is in Gulpen gestorven op 10-8-1759, 55 jaar oud.
2. Andreas is geboren op 3-9-1702. Hij trouwde op 26-1-1726 in de Hervormd kerk in Heerlen en op 10-2-1726 in de katholieke kerk in Gulpen met Maria Meijers (Meijerts, ook wel Cremers) uit Heerlen      VII.13
3. Maria Magdalena is geboren op 31-1-1704 en in Gulpen gestorven op 22-8-1775  (73 jaar oud). Ze trouwde op 7-1-1725 in Gulpen met Matthias Loyson. Hij is geboren op 1-1-1700 in Gulpen en daar gestorven op 29-12-1744 (44 jaar oud). Ze hadden 9 kinderen, waarvan er 4 jong stierven. De jongste was 2 jaar oud toen zijn vader overleed. Twee weken voor zijn dood liet Mathijs, "een wijnig zieck zijnde", een testament maken waarbij de langstlevende het recht kreeg om als dat nodig zou zijn 400 gulden te lenen of grond te verkopen. In 1751 leent Magdalena 100 pattacons omdat ze "door de laetste oorlogstroubelen veel geleden heeft". Zij en de twee oudste kinderen borgen met al hun bezittingen. In 1754 sterft op de pachthoeve Jansgeleen Mechtildis Loijson, een zus van de vader van Mathijs, die nogal rijk was en geen kinderen had. Mathijs had een schuld van 1300 gulden bij haar. Die was deels overgenomen van zijn vader, in ruil voor de onroerende goederen van zijn vader. Daarnaast was er een achterstallige pacht van 300 gulden en een lening van 400 gulden. Mechtildis besefte dat Magdalena Slangen die schuld niet kon betalen en stelde in haar testament dat bij het verdelen van de erfenis met die schuld rekening gehouden moest worden. In 1761 ontstaat er ruzie over de erfenis tussen een broer van Mathijs en Magdalena. Zij gaat naar het gerecht, gesteund door een andere broer, Hendrik Loijson, die broeder is bij de Augustijnen in Maastricht. Hoe het is afgelopen is niet bekend.
4. Eustachius is geboren op 29-11-1705 en trouwde op 5-8-1736 in Gulpen met Maria Catharina  Schuffelers (Schiffeleers). Hij stierf al op 15-11-1737, 31 jaar oud     VII.14 
5. Christianus is geboren op 6-11-1707, hij leefde in 1758 vermoedelijk nog.
6. Joannes Franciscus is geboren op 11-11-1709  
7. Matthias is geboren op 18-9-1711. In 1737 was hij doopgetuige bij zijn zus Magdalena. Op 8-1-1748 is in Maastricht een Mathias Slangen begraven, Hij woonde aan de “platea Georgy” (nu Grote Staat). De uitvaart was in Sint Jacob en hij is op het kerkhof van de Dominicanerkerk begraven. Het is niet zeker dat het deze Matthias is.
8. Johannes Philippus (Slanghen) is geboren op 12-2-1714. In 1737 was hij doopgetuige bij zijn zus Magdalena. Verder is van hem niets bekend
VI.12schutterijDe plaat koningszilver die Balthasar in 1721 aan de schutterij van Mechelen schonk.

De tekst luidt:
De heer Balthasar Slangen Stadhouder en Schepen des heeren Commandeurs Banck tot Mechelen als ooch Stadhouder en Secretaris van de landsheerlicheden der Bancken Gulpen en Margeraeten etc.
heeft Mij gegeven den 24 junij 1721

In 1702 kocht Baltes het huis “de Roose”voor 20 pattacons (80 gulden). Ook moest hij een aantal lasten betalen die op het huis rustten, o.a. een erfpacht van 5 vaten rogge. Het is geen riante woning; later moeten de schuur en een hooistal afgebroken worden omdat ze bouwvallig waren. In 1705 koopt hij van zijn buren die in geldnood zaten een koolhof (7 kleine roeden) grenzend aan de gats naar de Gulp en aan zijn eigen koolhof. De verkoper werd verplicht de deur van zijn schuur te verwijderen en de muur die aan de koolhof grensde goed te onderhouden. In 1706 kocht hij van zijn tante Anna Beckers, die haar schulden niet kon betalen, 121 kleine roeden land bij Ingber voor 20 pattacons. In 1707 leent Baltes 900 gulden van juffrouw Jaspers uit Maaseik. Dat geld moet zijn zus Maria betalen voor haar intrede in het klooster in Maaseik. Als onderpand dienen zijn eigen huis, zijn erfdeel in het ouderlijk huis “het witte peerd” en ook nog de erfenis van zijn vrouw, bestaande uit huis en hof (het voormalige panhuis), weide en landerijen. In 1727 wordt deze lening nog eens bekrachtigd.In 1713 koopt Baltes van de 9 kinderen van zijn tante Anna Beckers 120 kleine roeden land bij de Bewertbergh voor 54 gulden. In 1715 had Baltes 600 gulden belastingschuld die hij met rente moest afbetalen. In 1717 leent hij in Maastricht 400 gulden tegen 6 % rente. In 1727 wordt deze schuld door de schepenbank bevestigd. In 1721 neemt Baltes het huis “de Coningh van Spanje” over van de kinderen van zijn oom Nicolaes. Mathijs Leurs, echtgenoot van Maria Catharina, krijgt daarvoor van Baltes zijn huis “de Croon”. Baltes moet wel op zijn kosten binnen een jaar de schuur en hooistal afbreken. Leurs droeg ook een koolhof aan de Rosstraat en 115 kleine roeden beemd aan de Geul in Mechelen aan Baltes over. Die betaalt nog een schuld van 100 gulden van Leurs af en koopt de gebruiksrechten die Nicolaes op het huis heeft af met 8 pattacons per jaar. Aan Joannes Erkens, echtgenoot van Gertruijd, betaalt Baltes 1800 gulden voor de overige 2/3 van het huis. Hiervan wordt 400 gulden binnen een maand betaald, 400 gulden na de dood van Nicolaes en Baltes neemt een schuld van 1000 gulden van Erkens aan zijn vader over. Verder krijgt Baltes een koolhof aan de Rosstraat (naast die van wijlen zijn vader) in ruil voor de 120 kleine roeden op de Beversbergh die Baltes in 1713 gekocht had. Baltes leent 900 gulden,waarvan 500 gulden voor de aankoop van het huis, van de betaalmeester van Maastricht.
In 1722 pacht Balthasar de visrechten in de Heerlijkheid Slenaken. Eerder was zijn oom Nicolas daar pachter. Balthasar betaalde daarvoor 75 gulden per jaar. Er mochten geen truijten (forellen) gevangen worden die kleiner waren dan een halve haring. Gebeurde dat toch dan stond daarop een boete van 6 goudgulden.
In 1725 verkoopt Baltes aan de zus van zijn vrouw en haar man zijn aandeel in de weide “den Sprinckboorn”. Het aan de Gulp gelegen perceel van een morgen en 9 kleine roeden bracht 70 pattacons op. Bij zijn overlijden is Baltes weer eigenaar van “de Roos”. Zijn zoon Andries koopt dit huis.

Tsaar Peter de Grote in Gulpen.
NeubourgOp 27 juli 1717 was  de Russische tsaar Peter de Grote in Gulpen.  Daags ervoor was hij in Aken te gast in het huis van Johann Adam von Clermont (1673-1731). Von Clermont leverde al jarenlang uniformen aan de Russische lijfgarde. De tsaar overnachtte in de Franzstrasse in Aken. De kamer waar hij sliep wordt nu “‘Zar Peter Kämmerchen” genoemd. Op 27 juli 1717 kreeg de tsaar een middagmaal aangeboden op kasteel Neubourg in Gulpen. Dit kasteel had von Clermont in 1716 gekocht. Daarna reisde het gezelschap door naar Maastricht, waar de grotten van de Sint Pietersberg bezocht werden. Omdat Balthasar Slangen stadhouder was zal hij toen zeker de tsaar ontmoet hebben.
foto :kasteel Neubourg

VI.13 Franciscus Slangen en Anna Pfennings     Holset
(zoon van V.11, kleinzoon van IV.8)
Franciscus is geboren op 27-1-1713 in Gulpen. De achternaam is soms Slanghen. Hij  trouwde in de Hervormde kerk in Gulpen op 1-2-1738 met Anna Pfennings, geboren in Vaals. Er is verder niets van hen bekend, behalve de geboorte van 2 kinderen.     
1. Catharina Elisabeth is geboren op 3-12-1738 in Holset
2. Elisabeth is geboren op 3-9-1739 in Holset (de naam in de geboorteakte is Slang).